naar het fotoalbumklik hier om
direct naar het
fotoalbum te gaan

Superbyte

de Homepage van
Henk de Mari

Superbyte Software


HOME
LANDENOVERZICHT
INFORMATIE
FOTOALBUM

MALI 2009/2010

een reisverslag......


Weersverwachting Nieuwegein Nieuwegein Weersverwachting Mali  Mali



Het sneeuwt al een week in Nederland en het verkeer is ontregeld.
Als ik op 1e kerstdag 2009 naar Mali vertrek rijden de treinen gelukkig weer normaal en behoren de vertragingen op Schiphol ook tot het verleden.
We vliegen met Royal Air Maroc en komen na een overstap in Casablanca om 3 uur 's nachts aan. Na de landing in Bamako, de hoofdstad van Mali, vertrekken we naar een hotel om nog een paar uurtjes te slapen, voordat de reis gaat beginnen.

Ségou
Rond lunchtijd komen we aan in Ségou. Ons hotel ligt niet ver van de Niger vandaan en in de middag vertrekken we voor een boottocht met een pinasse naar een dorpje verder stroomopwaarts.
Een heerlijk relaxte tocht van een paar uur langs vissersdorpen met tussen door een bezoekje aan een dorp waar kleipotten worden gemaakt. In grote vuren van stro worden de kleipotten gebakken.

Djenné
Een van de mooiste steden van Mali is Djenné, door de Unesco op de lijst van cultureel werelderfgoed geplaatst. Om er te komen moeten we de bus achterlaten en met kleine bootjes de rivier de Bani oversteken.
Djenné ligt op een eiland in de Bani. Alle gebouwen in Djenné zijn van leem, in Sudanese stijl. De straatjes zijn smal en lopen kriskras door elkaar heen. Alleen het stadsplein geeft veel ruimte en daar wordt dan ook op maandag de weekmarkt gehouden.
Voordat de markt begint loop ik met Raimond door de smalle straatjes naar de rivier, waar met een kleine boot de mensen het water oversteken om naar de markt te gaan.
Terug op de markt is het een aaneenschakeling van kleuren en geuren. Vrouwen in prachtige kleurige kleding kopen en verkopen hun waar die verschilt van kleding, groenten en fruit tot sterk ruikende vis.
Aan het stadsplein staat ook de Grand Mosquée, een van de mooiste moskeeën van Mail, ook weer geheel uit leem opgetrokken. De moskee moet ieder jaar weer opnieuw worden gepleisterd. In de regentijd spoelt een deel van de leem van de muren. Om die reden hebben alle muren en torens van de moskee uitstekende houten balken die als steiger kunnen dienen bij de renovatiewerkzaamheden. Op het moment van ons bezoek is de linker toren ingestort.

Dogon trekking
Met een tussenstop in Bandiagara, om een deel van onze bagage achter te laten, rijden we naar Djiguibombo, waar de trekking zal beginnen.
Alle nog aanwezige bagage, de tenten, slaapmatjes en etenswaren voor de komende dagen worden met ezelskarren naar onze slaapplaatsen vervoerd.
Zelf gaan we te voet op pad naar het onder aan de Falaise gelegen plaatsje Kani Kombolé.
Alle dagen van de trekking slapen we in eenvoudige kampementen. Wassen doe je in een hokje me een emmer water en het toilet is vaak alleen maar een gat in de grond. We slapen onder een afdak, buiten op de grond of op het dak. Een tent opzetten kan, maar is niet altijd nodig.
Voordat we Kani Kombolé verlaten bezoeken we nog de mooie lemen moskee en lopen daarna naar Teli. Onze gids Ogomano neemt ons mee naar de in de rotswand gebouwde Tellem woningen. Toen de Dogon bij de falaise aankwamen, troffen zij daar een jagersvolk, de Tellem, dat in kleine woningen leefden die ze tegen de kloofwand bouwden. Omdat de Dogon van de landbouw leefden kwamen de Tellem steeds meer in de verdrukking en zijn uiteindelijk door de Dogon verdreven. Omdat het erg heet is, ruim 35oC, houden we na een lunch een siësta. De tafels en stoelen gaan aan de kant en we rusten lekker onder het afdak op onze slaapmatjes.
Tegen drie uur is de ergste hitte voorbij en trekken we weer verder, richting Endé.
Het lopen door het zand is best zwaar en moe maar voldaan komen we aan bij een volgend kampement. Er schijnt verderop in het dorp een feest te zijn. We verruilen onze slaapplaats op het dak voor een plek tussen de muren van het kampement, waar het geluid gedempt wordt door de muren.
Op de derde dag van de trekking gaan we naar Bagnimato, een dorp boven op de falaise. Het is een mooie tocht met een steile beklimming over de rotsblokken.
In de middag worden we uitgenodigd om een maskerdans bij te wonen. Bij verschillende gelegenheden, zoals bruiloften, begrafenissen en na het binnenhalen van de oogst, wordt er gedanst. De dans wordt begeleid door zingende mannen met trommels. De dansers zijn jonge mannen met maskers, waarvan de meeste een dier uitbeelden. De dansers kiezen een dier dat goed bij hun karakter past. Ook zijn er maskers in de vorm van de kanaga, een versimpelde afbeelding van een mens. Spectaculair zijn de dansers op stelten.
De bewoners van de dorpen die we onderweg bezoeken en waar we overnachten zijn deels moslim, deels christen en deels animistisch. Vaak is er bij moslims en christenen een vermenging met het animisme, waarbij het animisme een belangrijke rol speelt.
De vierde dag van de trekking dalen we weer af naar de vlakte. In het plaatsje Nombouri zullen we de laatste avond van 2009 verblijven. We worden uitgenodigd om een dansvoorstelling bij te wonen. Tegen tienen zijn we terug op het kampement en praten we wat na totdat het twaalf uur is. Wybe, onze reisbegeleider, heeft voor wat rotjes en een paar flessen champagne gezorgd en met een kleine groep nachtbrakers toasten we op het nieuwe jaar. Als ontbijt heeft Anna, onze kokkin, oliebollen gebakken.
De eerste dag van het nieuwe jaar is ook onze laatste dag in de Dogonvallei.
In de ochtend lopen we naar een dorp aan de voet van de falaise. Onderweg komen we een groepje meisjes tegen die manden op hun hoofd dragen en daarin gierst, een van de belangrijkste voedingsstoffen van de Dogon. Na de lunch begint de laatste stevige klim weer terug naar boven. Nog even een stukje verder lopen en daar staat ons vervoer al dat ons terug naar Bandiagara brengt.

Bandiagara / Mopti
Na onze achtergelaten bagage opgehaald te hebben kan ik me eindelijk weer eens lekker douchen en scheren. De vuile kleren van de afgelopen dagen geven we aan onze kokkin mee.
Na een goede nacht slapen ga ik in de morgen samen met Ria de stad bekijken. We wandelen door de smalle straatjes en genieten van het leven op straat.
Alle weekenden in januari wordt in Bandiagara het Dogon Festival gehouden. Op verschillende plekken in de stad zijn 's avond optredens en in de middag zijn er dansvoorstellingen. Samen met Ria, Karin en Onno eten we 's avonds in een klein restaurantje waar na het eten onze tafels worden weggeschoven om plaats te maken voor een artiest. Hij bespeelt een kora, een snaarinstrument uit West-Afrika dat tot de harpen wordt gerekend. Een grappig mannetje dat erg veel lacht en leuke muziek maakt.
De volgende middag is er op een andere plaats in de stad een dansvoorstelling. Naast de dansen die we al in de Dogonvallei hebben gezien is er ook een show met veel geweervuur, een soort jagersdans.

Van Bandiagara is het maar een paar uur rijden naar Mopti.
Op de weg er heen stoppen we nog in Songo. Dit dorp is tegen een grote rots gebouwd. Bij de rotswand bevindt zich een plaats waar jongens worden besneden. Op de rots zie je allerlei schilderingen aan de hand waarvan de jongens de Dogon-cultuur krijgen bijgebracht. De drie kleuren die worden gebruikt - zwart, wit en rood - symboliseren de aarde, de hemel en bloed (het leven).
Voordat we naar ons hotel in Mopti gaan, dat aan de rand van de stad ligt, eten we heerlijks pizza's bij de haven. Die middag gaan we onder leiding van een gids te stad in. Rondom de haven, die een hap uit de oever van de Niger heeft genomen, bevindt zich een kleurrijke markt. Op de kop van de haven ligt de scheepswerf waar pinasses en pirogues worden gebouwd. Naast de werf ligt Bar Bozo, een van Mali's beroemdste cafés.
Op de een of andere manier lijkt iedere stadswandeling automatisch op dit terras te eindigen.

Timboektoe
We laten weer wat bagage achter en vertrekken vroeg in de morgen naar Timboektoe.
We zullen de komende drie dagen per pinasse naar Timboektoe varen. Een pinasse is een gemotoriseerde houten boot van ongeveer 20 meter lang met onder de overkapping banken en een tafel in het midden.
Na al die drukke dagen is het heerlijk genieten op de boot. Een goed boek er bij, af en toe een drankje en een hapje, wat kan een mens meer wensen. Regelmatig komen we kleine vissersboten tegen en stoppen we bij een klein dorp voor een korte wandeling.
Voor veel mensen heeft de naam Timboektoe zo'n exotische klank dat ze verrast zijn te horen dat de stad echt bestaat. De stad is vroeger het handelscentrum geweest tussen het Arabische noorden en het Afrikaanse zuiden. Zout uit de woestijn werd er van kamelen overgeladen op boten; goud ging de omgekeerde weg. Tegenwoordig gaat de meeste handel door de lucht en is Timboektoe een rustige stad. Behalve als het Essekane Festival wordt gehouden. Vanuit de hele wereld komen muziekliefhebbers naar Timboektoe om het driedaagse festival, dat enkele kilometers buiten de stad midden in de woestijn wordt gehouden, bij te wonen.
Veel West-Afrikaanse artiesten zoals Habib Koite, Afel Bocoum, Bassekou Kouyate, Haira Arby en Vieux Farka Toure treden er op.
Het festival is op zijn Afrikaans georganiseerd. Dus rommelig en in het geheel niet volgens schema. Op zich heeft dat ook wel wat, niet die westerse precisie maar lekker los uit de pols. De optredens beginnen tegen de avond als de zon bijna onder is. Vanaf een zandduin hebben we mooi zicht op het podium. De eerste avond is niet echt spectaculair. Erg veel lange toespraken en soundchecks met enkele korte optredens. De tweede avond is het beter. Een paar goede optredens en een paar 'vreemde' artiesten. De derde dag zijn we 's middags terug naar Timboektoe gegaan en voor wie dat wilde was er vervoer naar het festival en weer terug. Zelf ben ik, met een paar reisgenoten, in de stad gebleven. Achteraf hoorde ik dat de laatste avond wel de beste was.

We verlaten Timboektoe in drie terreinwagens dwars door de woestijn naar het zuiden. Langzaam verandert de woestijn in een savannelandschap en rijden we door het Réserve des èléphants op zoek naar de grootste olifanten van Afrika.
We nemen een plaatselijk gids mee en volgen de sporen van de olifanten die 's nachts vlakbij zijn geweest. We vinden ze echter niet.
Ondanks deze tegenvaller is het toch een geweldig mooie tocht met een overnachting op een zandduin en een prachtig uitzicht over de savanne.
Rond het middaguur komen we aan in Hombori. Hier zullen we overnachten. In de middag maken we nog een wandeling naar een dorp aan de andere kant van een enorme rotsformatie. Niet ver van Hombori staat een rots die bekend staat als de 'Hand van Fatima', de dochter van de profeet Mohammed.
We rijden weer terug naar Mopti, waar we acht dagen geleden een deel van onze bagage hebben achtergelaten.

Teriya Bugu
De laatste paar dagen van de reis overnachten we in Teriya Bugu.
In Teriya Bugu, dat staat voor 'Huis van Vriendschap', draait alles om duurzaamheid en solidariteit. Op het terrein ligt een hotel en een informatiecentrum, aan de oever van de Bani. Van de opbrengsten van het hotel zijn er al een schooltje, medische voorzieningen, een bibliotheek en een museum gerealiseerd. Er wordt zo veel mogelijk met duurzame voorzieningen gewerkt zoals zonne-energie en gerecycled water. Het is heerlijk om een dag lekker niets anders te doen dan wat rond te wandelen en te lezen.

Onze allerlaatste dag in Mali zijn we weer in Bamako. Na een bezoekje aan het Nationaal Museum worden we op de markt gedropt. Het is de allerlaatste mogelijkheid om nog wat souvenirs te kopen. Samen met Ria wandel ik nog even langs de grote markt en drinken een colaatje bij een stalletje in een van de zijstraten.
Na het afscheidsdiner, waarbij we Wybe en Ogomano hartelijk bedanken voor de voortreffelijke begeleiding van de reis, is het wachten tot half een in de nacht om naar het vliegveld te vertrekken.
Onze vlucht vertrekt om 03.30 uur en we komen met een tussenlanding van 7 uur in Casablanca pas om ongeveer 7 uur 's avonds aan op Schiphol.

Alweer een mooie reis voorbij. Een die beslist ergens in de top 10 hoort.
naar het fotoalbum
nog meer foto's van Mali


Deze reis is geboekt bij